In het kort
Een implantaat is niet altijd de beste keuze. Bij jonge patiënten kan de kaak nog doorgroeien, waardoor een implantaatkroon later scheef kan staan. Ook factoren zoals actieve parodontitis, roken, bepaalde medicijnen, onvoldoende gereguleerde diabetes of eerdere bestraling spelen een rol. Ook de lokale situatie in de mond kan een implantaat lastig maken, bijvoorbeeld te weinig ruimte tussen de wortels, een diepe beet of overbelasting. In die gevallen kan een alternatief, zoals een etsbrug, autotransplantaat, brug of uitneembare voorziening, een beter resultaat geven. Daarom wordt idealiter al vóór het verwijderen van een tand beoordeeld welke behandeling voor u het meest geschikt is.
Wanneer moet u nadenken over de juiste behandeling?
Een implantaat is in veel situaties een uitstekende oplossing voor het vervangen van een ontbrekende tand of kies. Ook wanneer meerdere tanden of kiezen ontbreken, kunnen implantaten worden gebruikt als basis voor een vaste of uitneembare voorziening. Toch is een implantaat niet in iedere situatie automatisch de beste keuze.
Het ideale moment om te beoordelen welke behandeling het meest geschikt is, is bij voorkeur vóórdat een tand of kies wordt verwijderd. De uitgangssituatie kan namelijk mede bepalen welke mogelijkheden er later zijn. Soms kan bijvoorbeeld het aanwezige bot en tandvlees beter behouden blijven wanneer de verwijdering van een tand wordt gecombineerd met een specifieke behandeling of met het direct plaatsen van een implantaat.
Daarom kijken we altijd naar de individuele situatie. Niet alleen de hoeveelheid bot is daarbij belangrijk. Ook leeftijd, algemene gezondheid, conditie van het gebit, beschikbare ruimte, beet en de verwachte belasting spelen een rol.
In een aantal situaties is een implantaat minder geschikt of kan een andere behandeloptie uiteindelijk een beter en duurzamer resultaat geven.
In dit artikel
In dit artikel bespreken we in welke situaties een implantaat minder geschikt is en welke behandelalternatieven er dan mogelijk zijn. Klik op één van de onderstaande onderwerpen om direct meer te lezen:
Wanneer is een implantaat minder geschikt?
1. Jonge leeftijd en skeletale doorgroei
Bij jonge patiënten is terughoudendheid met implantaten belangrijk. Een implantaat vergroeit rechtstreeks met het kaakbot en kan daarna niet meer met de natuurlijke ontwikkeling van het gebit en de kaak meegroeien.
Ook nadat iemand vrijwel is uitgegroeid, kunnen nog veranderingen in de positie van tanden, kaken en tandvlees optreden. Vooral in het zichtbare front kan dit op langere termijn tot een esthetisch probleem leiden. De natuurlijke tanden kunnen geleidelijk van positie veranderen, terwijl het implantaat op dezelfde plaats blijft staan. Hierdoor kan een implantaatkroon na verloop van tijd bijvoorbeeld iets hoger of lager lijken te staan dan de naastgelegen tanden.
Bij jonge patiënten onderzoeken we daarom nadrukkelijk of het mogelijk is om het plaatsen van een implantaat uit te stellen of te kiezen voor een alternatief dat de natuurlijke ontwikkeling kan volgen.
2. Algemene risicofactoren voor genezing
Een implantaat heeft goede omstandigheden nodig om vast te groeien en vervolgens jarenlang gezond te blijven. Een aantal algemene factoren kan de kans op complicaties vergroten.
Parodontale problemen en onvoldoende mondhygiëne
Wanneer sprake is van actieve parodontitis (een ontsteking van tandvlees en kaakbot rondom de eigen tanden) of wanneer de mondhygiëne onvoldoende is, bestaat een verhoogd risico op ontstekingen rondom een implantaat. Een implantaat kan zelf geen gaatje krijgen, maar het omliggende tandvlees en bot kunnen wel ontstoken raken. Dit noemen we peri-implantitis.
Daarom moeten aanwezige tandvlees- en parodontale problemen bij voorkeur eerst onder controle worden gebracht. Ook na het plaatsen van implantaten blijven een goede mondhygiëne en periodieke controles belangrijk.
Frequent roken
Roken heeft een negatieve invloed op de wondgenezing en de gezondheid van het tandvlees en kaakbot. Hierdoor kan de kans dat een implantaat niet goed vastgroeit groter zijn. Ook op langere termijn is het risico op problemen rondom implantaten verhoogd.
Roken betekent niet in iedere situatie dat een implantaat onmogelijk is, maar het is wel een belangrijke risicofactor die we meenemen bij het bepalen van de prognose.
Bisfosfonaten, bijvoorbeeld alendroninezuur bij osteoporose
Bepaalde medicijnen die worden gebruikt bij osteoporose en andere aandoeningen beïnvloeden de botstofwisseling. Voorbeelden hiervan zijn bisfosfonaten (medicijnen die de botafbraak remmen), zoals alendroninezuur.
Het gebruik hiervan betekent niet automatisch dat implantaten niet mogelijk zijn. Wel is het belangrijk om vooraf precies te weten welk middel wordt gebruikt, in welke dosering, hoe lang het wordt gebruikt en op welke manier het wordt toegediend. Op basis daarvan kan een individuele risico-inschatting worden gemaakt.
Onvoldoende gereguleerde diabetes
Bij diabetes kan de wondgenezing verminderd zijn en kan het risico op infecties toenemen, met name wanneer de bloedsuikerspiegel onvoldoende onder controle is. Goed gereguleerde diabetes hoeft plaatsing van implantaten meestal niet in de weg te staan. Bij onvoldoende gereguleerde diabetes kan het verstandig zijn de behandeling eerst uit te stellen en de gezondheidssituatie te optimaliseren.
Bestraling in het hoofd-halsgebied
Eerdere bestraling van het kaakgebied kan de doorbloeding en het herstelvermogen van het kaakbot verminderen. Hierdoor kunnen chirurgische ingrepen en het plaatsen van implantaten een verhoogd risico geven. Of implantaten mogelijk zijn, hangt onder andere af van de plaats en dosis van de bestraling en moet individueel worden beoordeeld.
3. Lokale factoren in de mond
Ook wanneer iemand gezond is en voldoende kaakbot lijkt te hebben, kan de lokale situatie ervoor zorgen dat een implantaat niet de meest geschikte oplossing is.
Onvoldoende ruimte tussen de wortels
Een implantaat moet veilig tussen de wortels van de naastgelegen tanden of kiezen kunnen worden geplaatst. Wanneer deze wortels dicht bij elkaar staan, kan er onvoldoende ruimte zijn om een implantaat op een verantwoorde positie te plaatsen.
De ruimte die boven het tandvlees zichtbaar is, zegt daarbij niet altijd voldoende. Op een röntgenfoto of 3D-scan beoordelen we ook hoe de wortels onder het tandvlees verlopen.
Onvoldoende ruimte voor een fraaie implantaatkroon
Niet alleen het implantaat zelf moet passen. Er moet ook voldoende ruimte zijn om een kroon te maken met een natuurlijke vorm en goede verhouding tot de omliggende tanden.
Wanneer tanden na het verlies van een tand naar elkaar toe zijn gegroeid of gekanteld, kan de beschikbare ruimte te klein zijn. Soms kan een orthodontische behandeling dan eerst ruimte creëren. In andere situaties kan een alternatieve voorziening geschikter zijn.
Onvoldoende ruimte door een zeer diepe beet
Bij een diepe beet kunnen de boven- en ondertanden elkaar zodanig overlappen dat er onvoldoende ruimte beschikbaar is voor een implantaatkroon. Een kroon moet niet alleen fraai zijn, maar ook voldoende sterk kunnen worden gemaakt en op een gunstige manier worden belast.
Daarom beoordelen we vooraf niet alleen de plaats waar een tand ontbreekt, maar ook hoe het gehele gebit tijdens dichtbijten en kauwen functioneert.
Verhoogd risico op overbelasting
Wanneer meerdere tanden en kiezen verloren zijn gegaan, worden de resterende gebitselementen en eventuele implantaten soms zwaarder belast. Het plaatsen van één implantaat lost dan niet noodzakelijk het onderliggende probleem op.
In zo'n situatie kijken we naar de totale verdeling van de kauwkrachten. Soms zijn meerdere implantaten of een andere prothetische oplossing nodig om voldoende steun te creëren en overbelasting van een afzonderlijk implantaat te voorkomen.
Ernstig tandenknarsen of klemmen
Bij sterk tandenknarsen of klemmen kunnen implantaten en implantaatkronen langdurig aan hoge krachten worden blootgesteld. Dit betekent niet dat een implantaat onmogelijk is, maar vraagt wel om extra aandacht voor de positie en het aantal implantaten, de vormgeving van de kroon of brug en de verdeling van de kauwkrachten. Soms kan een beschermende nachtbeugel worden geadviseerd.
Behandelalternatieven
Wanneer een implantaat niet de beste oplossing is, betekent dit gelukkig niet dat een ontbrekende tand of kies niet goed kan worden vervangen. Afhankelijk van de situatie bestaan er verschillende vaste en uitneembare mogelijkheden.
Vaste voorzieningen
Een etsbrug (plakbrug)
Een etsbrug is een relatief minimaal invasieve manier om een ontbrekende tand te vervangen. De kunsttand wordt met één of meerdere vleugels aan een naastgelegen tand bevestigd. Hierdoor hoeft deze tand meestal nauwelijks of niet te worden beslepen.
Een etsbrug kan bijvoorbeeld een goede optie zijn bij het ontbreken van een laterale snijtand. Zeker bij jonge patiënten kan dit een aantrekkelijke oplossing zijn, omdat plaatsing van een implantaat daarmee kan worden uitgesteld of soms helemaal kan worden voorkomen.
Een autotransplantaat
Bij jonge patiënten kan autotransplantatie een bijzonder interessant alternatief voor een implantaat zijn. Hierbij wordt een eigen tand of kies, vaak een nog niet volledig ontwikkelde tand, verplaatst naar de plaats van de ontbrekende tand.
Met name wanneer een vitale transplantatie (waarbij de tand met een nog levende, functionerende zenuw wordt verplaatst) mogelijk is, kan dit belangrijke voordelen hebben. De getransplanteerde tand kan zich biologisch aanpassen en kan bij een groeiende patiënt onderdeel blijven van de ontwikkeling van het gebit en de kaak. Daarmee kunnen de esthetische problemen die bij een implantaat door verdere skeletale groei kunnen ontstaan, worden voorkomen.
Een brugconstructie op natuurlijke tanden
Bij een conventionele brug wordt de ontbrekende tand vervangen door een constructie die wordt gedragen door de tanden aan weerszijden van de ruimte.
Dit kan een indicatie zijn wanneer deze buurelementen al zeer uitgebreid zijn gerestaureerd en bijvoorbeeld toch kronen nodig hebben. Wanneer de naastgelegen tanden volledig gezond en intact zijn, willen we deze echter liever niet onnodig beslijpen. In zo'n situatie kan een implantaat juist een tandbesparende oplossing zijn.
De keuze tussen een brug en een implantaat hangt daarom sterk af van de conditie en prognose van de omliggende tanden.
Uitneembare voorzieningen
Een partieel plaatje
Een partiële kunststofprothese, vaak een 'plaatje' genoemd, kan één of meerdere ontbrekende tanden vervangen. Het is relatief eenvoudig te vervaardigen en kan onder andere worden gebruikt als tijdelijke voorziening tijdens een genezingsperiode.

Voorbeeld van een partieel plaatje
Een frameprothese
Een frameprothese is eveneens uitneembaar, maar heeft een metalen basis en steunt doorgaans meer op de resterende tanden. Hierdoor kan de voorziening stabieler en comfortabeler zijn dan een kunststof plaatje.
Een volledige prothese
Wanneer alle tanden in een kaak ontbreken of wanneer resterende tanden niet behouden kunnen worden, kan een volledige gebitsprothese een behandeloptie zijn.
Een Essix-retainer
Een Essix-retainer is een transparant kunststof bitje dat over de tanden wordt gedragen en waarin ter plaatse van een ontbrekende tand een kunsttand kan worden aangebracht.
Dit is vooral een tijdelijke of noodvoorziening. Bijvoorbeeld na het verwijderen van een voortand kan hiermee de periode tot een definitieve behandeling esthetisch worden overbrugd.
Een telescoopbrug
Een telescoopbrug is een minder voor de hand liggende, maar in specifieke situaties zeer waardevolle oplossing. Hierbij worden resterende natuurlijke tanden gebruikt om een uitneembare of gecombineerde vaste voorziening te ondersteunen.
Met name wanneer slechts enkele tanden over zijn, maar deze nog een goede prognose hebben, kan een telescoopconstructie een manier zijn om deze tanden zo lang mogelijk te behouden. In plaats van de resterende tanden te verwijderen en direct volledig over te gaan op implantaten, worden de eigen tanden onderdeel van de nieuwe voorziening.
Een klikprothese op implantaten
Wanneer meerdere of alle tanden ontbreken, hoeft de keuze bovendien niet altijd te liggen tussen een volledig vaste constructie óf een gewone gebitsprothese.
Een klikprothese wordt door implantaten ondersteund en klikt hierop vast. Hierdoor ontstaat aanzienlijk meer houvast dan bij een conventionele prothese, terwijl de voorziening uitneembaar blijft voor reiniging. Vooral in een tandeloze onderkaak kan dit een zeer betrouwbare behandeloptie zijn.

Voorbeeld van een klikgebit voor de onderkaak
De beste oplossing is niet automatisch een implantaat
Implantaten bieden tegenwoordig zeer veel mogelijkheden om ontbrekende tanden en kiezen duurzaam te vervangen. Maar goede implantologie begint niet met de vraag waar een implantaat kan worden geplaatst, maar met de vraag welke behandeling voor deze patiënt op lange termijn de beste oplossing is.
Daarbij kijken we naar het volledige gebit, de conditie van de resterende tanden, het bot en tandvlees, de beet, leeftijd en algemene gezondheid. Soms leidt die beoordeling tot een implantaat, maar soms juist tot het behoud van natuurlijke tanden, een etsbrug, autotransplantatie of een andere prothetische oplossing.
Heeft u een tand of kies die waarschijnlijk verwijderd moet worden? Dan adviseren we om, indien mogelijk, vóór het verwijderen al te laten beoordelen welke mogelijkheden er zijn. Zo kunnen de verschillende behandelopties worden afgewogen en kan bij het verwijderen van de tand of kies al rekening worden gehouden met de uiteindelijke behandeling.
Veelgestelde vragen over implantaatalternatieven
Twijfelt u of een implantaat voor u de beste oplossing is, of heeft u vragen over de alternatieven? Hieronder beantwoorden we de meestgestelde vragen.
Wanneer is een implantaat geen goede optie?
Een implantaat is niet altijd de beste keuze. Bij jonge patiënten kan de kaak nog doorgroeien, bepaalde gezondheidsfactoren (zoals parodontitis, roken, diabetes of eerdere bestraling) verhogen het risico op complicaties, en soms is er lokaal onvoldoende ruimte in de mond. In die situaties kan een alternatieve behandeling een beter en duurzamer resultaat geven.
Waarom is een implantaat bij jonge patiënten vaak minder geschikt?
Een implantaat vergroeit met het kaakbot en groeit daarna niet meer mee met de natuurlijke ontwikkeling van het gebit. Bij jonge patiënten kunnen tanden en kaak nog van positie veranderen, waardoor een implantaatkroon later hoger of lager kan komen te staan dan de naastgelegen tanden.
Kan ik een implantaat krijgen als ik rook?
Roken betekent niet automatisch dat een implantaat onmogelijk is, maar het is wel een belangrijke risicofactor. Roken heeft een negatieve invloed op de wondgenezing en de gezondheid van tandvlees en kaakbot, waardoor de kans dat een implantaat niet goed vastgroeit groter kan zijn.
Heeft diabetes invloed op het plaatsen van een implantaat?
Afhankelijk van de situatie zijn er verschillende vaste opties (zoals een etsbrug, een autotransplantaat of een brugconstructie op natuurlijke tanden) en uitneembare opties (zoals een partieel plaatje, een frameprothese, een volledige prothese, een Essix-retainer, een telescoopbrug of een klikprothese).
Wat zijn de alternatieven voor een implantaat?
Afhankelijk van de situatie zijn er verschillende vaste opties (zoals een etsbrug, een autotransplantaat of een brugconstructie op natuurlijke tanden) en uitneembare opties (zoals een partieel plaatje, een frameprothese, een volledige prothese, een Essix-retainer, een telescoopbrug of een klikprothese).
Waarom is het belangrijk om vóór het verwijderen van een tand al na te denken over de behandeling?
De uitgangssituatie bepaalt mede welke mogelijkheden er later zijn. Soms kan bot en tandvlees beter behouden blijven door de verwijdering te combineren met een specifieke behandeling of met het direct plaatsen van een implantaat.
Wat is peri-implantitis en hoe voorkom ik dit?
Peri-implantitis is een ontsteking van het tandvlees en bot rondom een implantaat. Het implantaat zelf kan geen gaatje krijgen, maar het risico hierop is verhoogd bij actieve parodontitis of onvoldoende mondhygiëne. Een goede mondhygiëne en periodieke controles blijven daarom belangrijk.
Maak een afspraak
Implantologiepraktijk Garderen is een gespecialiseerde verwijspraktijk voor implantologie met meer dan 30 jaar ervaring. Wij bieden:
- Topkwaliteit mondzorg
- Persoonlijke aanpak
- NVOI-gecertificeerde implantologen
U kunt bij onze praktijk terecht voor het plaatsen van implantaten ter vervanging van een tand of kies of voor een klikprothese. Klik op de onderstaande knop en maak een afspraak bij Implantologiepraktijk Garderen.


